Dit thema gaat over de tegenpolen starheid en flexibiliteit. Het grootste goed van een kind is implusief handelen of spontaniteit. Gedurende ons leven lijkt het wel of we dat alleen maar afleren. We passen ons constant aan: dat mag niet, dat hoort niet zo… Thuis, op school, in de pubertijd, in relaties, op werk, et cetera. Onze innerlijke impulsen zijn steeds in strijd met de omgeving en worden telkens onderdrukt. Wanneer een impuls (on)bewust wordt tegengehouden, leidt dat tot een samentrekking van de spieren. Wanneer deze spierspanning chronisch wordt, geven ze ons lichaam iets stars. Externe normen en waarden dempen zo onze eigen innerlijke impulsen en veroorzaken daarmee starheid in ons lichaam. Starheid of weerstand is een verdedigende houding. Het splitst daarmee het hoofd en lichaam, oftewel ons denken en voelen, waardoor we onze flexibiliteit verliezen.

Angst is de veroorzaker van dit verstarringsproces. ‘We willen daarmee de tijd stil zetten om een bedreiging te ontlopen. Waar we vooral bang voor is om eigen ons innerlijk te leren kennen. De confrontatie met onszelf is een bedreiging voor ons huidig evenwicht. De verstarringslaag isoleert ons van ons eigen gevoel verbreekt het contact met anderen. In de algemeen menselijk ontwikkelingscyclus zit verborgen een transformatie dat je steeds meer gehoor gaat geven aan je eigen innerlijke impulsen en niet aan de normen en waarden van de omgeving.’ Het herkennen van weerstand bij jezelf is zo gezien een ontwikkelingsimpuls. Een signaal om bij jou van binnen op zoek te gaan wat er niet klopt.

Chronische spierspanning zit op lichamelijk niveau. Aikido biedt je de mogelijkheid om dat aan te pakken. ‘Want het hervinden van flexibiliteit gaat niet alleen over her-programmeren van het hoofd, maar vooral over nieuwe gewoontevorming. En gewoontevorming regel je via het lichaam. Ook al dicteren de omstandigheden dat je een vechtreactie vertoont, dan kun je toch bewust kiezen voor een andere respons. Als het van jezelf mag, kun je er zelfs plezier in krijgen om het spel mee te spelen. Op het niveau van spel wordt iets waartegen je kunt vechten, iets waarmee je kunt vechten.’ Zo maak je van je innerlijke strijd een spel om een nieuwe gewoonte aan te leren. Als het je lukt om door de verstarringslaag heen te breken, naar de andere pool, krijg je een nieuw innerlijk evenwicht. Een evenwicht waar geest/denken en lichaam/voelen weer samen gaan werken.

Door voor een bepaalde periode af te spreken altijd mee te bewegen, ontwikkel je langzaam een nieuwe gewoonte. Op enig moment ervaar je geen weerstand meer, maar alleen nog leegte. ‘Als wij werkelijk de leegte in onszelf kunnen ervaren, dan worden we getuige van het instromen van gevoelens of spontane bewegingen. Een wens of besluit komt dan diep vanuit je innerlijk. Het is dan eigenlijk geen besluit vanuit het hoofd, maar een spontane beweging vanuit je gevoel.’ Zo werkt aikido als mechanisme van polarisatie. Door het leren herkennen en bewust te kiezen om een tijdje aan de andere pool te leven, doorbreek je laag van verstarring en kom je met jezelf in een nieuw midden terecht. ‘Want daar waar uitersten elkaar ontmoeten, vindt de overbrugging van tegenstellingen plaats.’ Zo traint de aikidoka tevens aan de vereniging van lichaam en geest, oftewel aan zijn innerlijke harmonie.

De open avond is geïnspireerd op een oud verhaal van een grote Indiase mysticus, Shankara (778-820) en twee boeken van Manfred van Doorn: Flitsen van het sublieme en Karma als kans.